maandag 4 oktober 2010

[MEISJE A] & [LEUKE JONGEN A]

Onderstaande column is een opdracht voor school. Dus mocht de docent het googlen! Hoi, het is toch echt wel van mij! Daarnaast is dit hele verhaal natuurlijk grotendeels fantasie, want ik heb helemaal geen vriendin. Wat ben ik toch een gekkie. Nou, veel leesplezier hè!

Daar zit ik dan weer. Meegesleurd door mijn vriendin naar de zoveelste vrouwenfilm. Ondertussen heb ik haar al 40 keer verteld dat ik al weet hoe het verhaal zich nu weer af gaat spelen. Stiekem geniet ik toch wel een beetje van die blik van afgunst mijn kant op. Heerlijk. Deze blik wordt erger als ik vraag of ze, na al die jaren, nog steeds opkijkt van de verrassende veranderingen in het plot van de film. Ja, daar kan ik echt van genieten. Iets wat stopt als het licht uitgaat en de gordijnen, die op een voor mij perfecte manier nog tussen mij en het scherm hingen, opengaan. Dan begint er wederom zo’n verschrikkelijke vrouwenfilm.

Het eerste opvallende verschijnsel valt mij altijd direct op. Als je bij een goede en spannende film zit hoor je zowel links als rechts nog een minuut of 20 vrouwen smoezen of zelfs gewoon luidruchtig kletsen, maar zit je bij zo’n verschrikkelijke cliché vrouwenfilm dan is het bij de reclames al stil. Niet helemaal natuurlijk, want als er een gespierde mannenborst in beeld verschijnt dan hoor je het onrustig worden. Je hoeft niet eens om te kijken om te weten dat, precies op dat moment, 90 procent van alle vrouwen in de zaal elkaar aantikken en zeggen: ‘Daar kan ik wel een trucje op!’ Toch moet je, als man zijnde, dit proberen naast je neer te leggen. Hoe moeilijk het ook is om dit ordinaire gedrag, van vaak je eigen vriendin of vrouw, te accepteren. Als je namelijk nu al gillend gek word van ergernis, ga je de komende 90 minuten nooit halen.

Oké, de reclames zijn nu ook voorbij. Daar gaan we dan! In de eerste 10 minuten zijn eigenlijk alle belangrijke personages al aan bod gekomen. In mijn hoofd probeer ik deze allemaal te plaatsen. Zodat ik ook in mijn hoofd alvast het hele verloop van de film vast heb staan. Dan word ik in ieder geval niet verrast. Waarom ik dit zo belangrijk vind weet ik eigenlijk niet, maar toch doe ik het elke keer weer. Dan, na maximaal 2 minuten, heb ik het script in mijn hoofd af en gaat dit als volgt:

‘[Meisje A] ziet [Leuke Jongen A] omringt door zijn vriendengroep, bestaande uit [Leuke Jongen B] en [Leuke Jongen C], staan bij [Willekeurige Locatie A]. [Leuke Jongen A] ziet [Meisje A] ook en laat zijn interesse duidelijk merken. Na een hoop gedoe vinden [Meisje A] en [Leuke Jongen A] elkaar en lijkt alles af te stormen op een gelukkig einde. Dan komt [Vervelend Wijf A] samen met haar beste vriendin [Vervelend Wijf B] om de hoek kijken. [Vervelend Wijf A] ziet ook wel iets in [Leuke Jongen A] en pakt deze in. Dit is vanzelfsprekend succesvol. [Meisje A] is in tranen en wil [Leuke Jongen A] nooit meer zien. Toch wil hij er wel voor vechten en doet hij zijn stinkende best om het goed te laten komen. Dit gebeurt en [Meisje A] en [Leuke Jongen A] leven nog lang en gelukkig.’

Terwijl ik zachtjes in mezelf lach bedenk ik me tegelijkertijd dat dit eigenlijk het script is voor elke vrouwenfilm. Dat wist ik natuurlijk al van tevoren. Omdat ik toch een beetje baldadig over wil komen tik ik mijn vriendin aan. ‘Hé! Wedden dat hij straks iets met haar krijgt en dat het dan misgaat, maar toch weer goed komt?’ De enige reactie die ik krijg is een diepe zucht die mij een gevoel van voldoening geeft. Verrassend genoeg heb ik nu toch wel een goed gevoel bij deze film, al heb ik eigenlijk nog geen moment gezien. Met een grote grijns op mijn gezicht zak ik onderuit en zit ik rustig de rest van de film uit.

Een minuut of 70 later is het einde van de film aangebroken. Mijn vriendin staat een beetje boos op en loopt de zaal uit. Snel hobbel ik achter haar aan om te vragen waarom ze nou zo geïrriteerd overkomt. Ik heb ten slotte helemaal niets verkeerd gedaan. ‘Je moet gewoon niet zo vervelend doen! Echt niet elke film die ik wil zien is zo cliché als de films die jij continu beschrijft!’ Terwijl ze nog altijd boos, en haast sprintend, voor me uit loopt heb ik de hoop opgegeven om haar nog in te halen. Als we dan eindelijk bij de auto zijn pak ik haar handen vast en kijk ik recht in de grote bruine ogen. ‘Maar liefje, wat had je dan verwacht? Ik kan toch van tevoren ook niet weten waar een film met één of andere Anne Frank in de hoofdrol over gaat!?’